Waypoint
twenterand
vrij van verslaving
Menu

“Ik heb al 23 jaar geen druppel gedronken”

Twenterand | 18 oktober 2018

De meest zwarte nacht in z’n leven duurde vijf maanden. Vijf afschuwelijke maanden waarin hij dag en nacht stomdronken was, nadat hij door z’n vrouw uit huis was gezet om z’n alcoholverslaving. Een verhaal van verdriet, verslaving, nieuwe kansen en vrijheid. 

‘Alcoholist ben ik nog steeds en ik zal altijd een alcoholist blijven, hoewel ik geen alcohol meer drink: 23 jaar geleden heb ik mijn laatste slok gehad.’ Aan het woord is Jan Nijkamp (69, ‘zeg maar je’). Als hij vandaag zijn eerste pilsje zou drinken na 23 jaar, is hij morgen stomdronken, zegt hij zelf. Nuchter: ‘Wat ik dus alleen maar hoef te doen is het eerste pilsje laten staan. Ik heb veel voorlichting op scholen gegeven over alcoholisme en ik vergelijk het wel eens met suikerziekte. Dan volg je een dieet zonder suiker en daar is prima mee te leven, zolang je je maar vasthoudt aan je dieet. Zo is het met alcohol ook: je bent je leven lang op dieet. Maar er is prima mee te leven. En ik schaam er ook niet voor, ik zou me pas schamen als ik er niets aan had gedaan.’ 

Hoe is je verslaving ontstaan?

‘Toen ik negentien was, dronk ik m’n eerste pilsje. Daar bleef het helaas niet bij: ik begon steeds iets meer te drinken en stapte over op sterkte drank. Ik wist het overigens prima te verbergen voor mijn omgeving. Ik at keelsnoepjes, ui en knoflook om niet naar alcohol te ruiken. Maar op een gegeven moment ging het mis en had ik de verslaving niet meer in de hand. Toen ben ik op een gegeven moment door mijn vrouw het huis uit gezet. Nou ja, ze heeft het beleefd gevraagd. Het kon niet langer zo, zei ze. Ik snapte haar goed en tegelijkertijd interesseerde het me niets. Ik ben toen hier in dit vakantiehuisje terecht gekomen. En daar ging het grandioos mis: ik heb vijf maanden achter elkaar dag en nacht gezopen en niets gegeten. Ik wist niet of het dag of nacht was, maar zat vast in een cyclus van ongeveer drie tot vier uur: jenever drinken, in slaap vallen, alcohol nodig hebben, weer jenever drinken en weer in slaap vallen. Na vijf maanden kwam er een deurwachter, want ik had geen rekening betaald in die periode. Hij kwam op het goede moment, want ik was even aanspreekbaar. Die ontmoeting zette me aan het denken en er kwam een sterkte gedachte binnen: “Ik wil leven.” Ik voelde namelijk dat ik mezelf dood dronk op deze manier.’

Ontzettend heftig zeg. En toen?

‘Ik ben uiteindelijk in contact gekomen met de AA (Anonieme Alcoholisten Nederland, red.) Twee mensen van de AA zijn langsgekomen voor een soort van intake. Ik mocht lid worden van de AA als ik de wil had om te stoppen. Nou, dat had ik wel. Om de daad bij het woord te voegen, vroeg ik aan het einde van het gesprek of ze alsjeblieft mijn voorraad alcohol wilde meenemen. Dat wilden ze niet. “We zijn zelf ook alcoholist”, zeiden ze, “en hoewel we niet meer drinken, willen we ook niet in de verleiding komen.” Toen stelde ik voor om alle alcohol door de gootsteen te gieten, waar ze bij waren. Dat hebben we gedaan. Om elf uur ’s avonds gingen ze weg en om drie uur ’s nachts begon ik ontzettend te trillen, mijn lichaam schreeuwde om drank! Maar dat had ik niet meer. Ik viel weg en raakte buiten bewustzijn. Pas na vier dagen kwam ik weer bij. Dat ontdekte ik omdat ik op de kalender keek, ik schrok me helemaal wild. Ik probeerde wat te eten, maar dat lukte niet, m’n maag was dat helemaal niet gewend. Ja, dat ware moeilijke tijden.’

Ging het uiteindelijk wel beter?

‘Ja, uiteindelijk wel. De groep van de AA heeft me er echt doorheen getrokken. Ik kon ze dag en nacht bellen als ik erg in de verleiding kwam om te drinken. Of ze kwamen langs als dat nodig was. Zulke telefoontjes of bezoekjes hielpen mij om m’n gedachten te even te verzetten. En ik ben nog wel eens teruggevallen in het begin. Maar het hielp als ik belde. Want op het moment dat je belt en om hulp vraagt,  neem je de beslissing om niét te drinken en wél om hulp te vragen. Het gaat om kleine stapjes. Daarom stond ik dagelijks voor de spiegel ’s ochtends en zei ik tegen mezelf: “Vandaag drink ik niet”, want de uitspraak “Ik drink nooit meer” kan niemand overzien. Maar nee, je hoeft maar één dag niet te drinken: vandaag niet. En morgen is het weer vandaag.’

Je hebt in je crisis ook God leren kennen, vertel daar eens over?

‘Ik was al veel eerder een keer opgenomen geweest bij verslavingskliniek De Wending van het Leger des Heils. Toen ik daar kwam, lag er een Bijbel op mijn nachtkastje. “Lees er eens in”, zeiden de hulpverleners vriendelijk. Na een paar dagen gaf ik de Bijbel weer terug. “Die rotzooi mag je zelf lezen”, zei ik boos. Maar mijn hulpverlener zei opgewekt: “Jan, je leest helemaal verkeerd, lees jij eerst maar eens de brieven van Paulus.” Ik weet niet hoe het komt, maar toen ik bij de AA zat, moest ik aan dat gesprek denken. Ik ben opnieuw in de brieven van Paulus gaan lezen en ik weet tot op de dag van vandaag niet hoe ik toen aan een Bijbel kwam, want ik woonde op mezelf en ik had geen Bijbel in huis. Door te lezen begreep ik langzaam wat ik nodig had: de vergeving van Christus. Door Zijn vergeving kon ik ook mezelf vergeven, dat was voor mij bevrijding: ik hoefde het juk van verslaving niet meer te dragen.’

Hoe is het nu met je?

Naar omstandigheden erg goed. Het contact met mijn vrouw is weer hersteld, nog voordat ze is komen te overlijden. Ook heb ik weer goed contact met onze kinderen. Lichamelijk voel ik me heerlijk en ik mag op mijn beurt weer andere mensen helpen: ik werk bij als vrijwilliger bij het Leger des Heils en bij Waypoint Twenterand. Soms heb ik sterk het gevoel dat ik ergens heen moet. Als ik daaraan gehoorzaam, kom ik vaak precies op het juiste moment. Ik heb zo vaak gesprekken over het geloof, want dat is voor mij het allerbelangrijkste in mijn leven. Wat dat betreft had ik geen dag willen missen van mijn leven, anders had ik Christus niet gevonden. En dit is mijn les die ik op mijn beurt weer doorgeef aan mensen met een verslaving: je kunt altijd een nieuwe keus maken er is altijd een weg terug. Altijd.’