Waypoint Menu

Lang niet alle tieners zeggen 'ja' tegen MDMA

Algemeen | 21 januari 2019

Sinds de eeuwwisseling lijken Nederlandse jongeren braver te worden, ook als het gaat om drugsgebruik. Een positieve ontwikkeling. Toch verdwijnt drugsgebruik steeds meer uit de taboesfeer, terwijl uitputting van je lichaam, hersenschade, depressies en psychoses op de loer liggen. En sinds de afgelopen vijf jaar belanden steeds meer minderjarigen in het ziekenhuis door GHB-gebruik. Hoe zit het nu?

‘Alle tieners zeggen ja tegen MDMA’, rapt Lil’ Kleine. MDMA, xtc, GHG: er zijn vele soorten drugs en als je dit als ouder hoort, ben je geneigd meteen bezorgd naar je eigen kind te kijken. Maar gelukkig: het is eerder een stoer statement dan dat het op waarheid gebaseerd is. Jongeren lijken zich vanaf de eeuwwisseling steeds braver te gedragen, ook als het andere genotmiddelen dan drugs betreft, en ook in andere westerse landen. Misschien klopte de stelling van Lil’ Kleine nog wel meer in de jaren tachtig, toen het drugsgebruik onder jongeren sterk toenam, met stijgende schooluitval tot gevolg. 

Jongeren nemen verantwoordelijkheid 

We hebben als maatschappij sindsdien niet stilgezeten. Talloze jeugdhonken die hielpen bij een vroege signalering van problematisch drugsgebruik schoten als paddenstoelen uit de grond. En een medewerker van het Nederlands Jeugdinstituut verklaart dat de opvoedstrategie vroeger absoluter was: je mocht iets wel, óf niet. Nu er vaker wordt onderhandeld, denken jongeren mee en nemen ze eerder zelf hun verantwoordelijkheid. Ook het overheidsbeleid heeft geholpen. Doordat de laatste decennia steeds meer bekend werd over het effect van drugs op de gezondheid van jongeren, werden velerlei voorlichtingscampagnes opgetuigd die benadrukken hoe schadelijk deze middelen zijn voor het puberbrein dat zich nog ontwikkelt, en op de rest van het tienerlichaam. Bovendien werden ouders hier directer op aangesproken. Het heeft allemaal geholpen. De probleemgroep is kleiner geworden en de hulpverlening zit er over het algemeen eerder bovenop.

Trimbos

In dit artikel baseren we ons voornamelijk op resultaten uit het Peilstationsonderzoek van het Trimbos-instituut. Dat is een landelijk representatief onderzoek naar het roken, drinken, drugs- en internetgebruik onder scholieren van tien tot en met achttien jaar. Ruim tienduizend leerlingen van het basisonderwijs (groep 7 en 8) en het voortgezet onderwijs doen aan het onderzoek mee. Trimbos voert dit onderzoek elke twee jaar uit in samenwerking met de Universiteit Utrecht, en sinds kort doen ze ook elke twee jaar een vergelijkbaar onderzoek onder studenten van het mbo en hbo.

Wat zijn drugs?

Even een pas op de plaats. Als we praten over drugs in het algemeen, en drugsverslaving onder jongeren specifiek, waar hebben we het dan over? Voor dit artikel hanteren we de volgende definitie: drugs zijn middelen die de hersenen prikkelen waardoor er geestelijke en lichamelijke effecten optreden. Ook is het moeilijk de brede term ‘jongeren’ te gebruiken. Het Trimbos-instituut, dat onderzoek doet naar geestelijke gezondheid en verslaving, deelt in zijn onderzoek naar jongeren en drugsgebruik de jongeren op in drie categorieën: jongeren van twaalf tot zestien jaar, zestien- tot achttienjarigen op het mbo en hbo, en de jongvolwassenen uit de gezondheidsenquête van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). 
Een Trimbos-medewerker zegt dat de term drugsverslaving met betrekking tot jongeren eigenlijk niet eens relevant is, omdat drugsgebruik op jonge leeftijd sowieso al verontrustend is. 

Volgens het Trimbos-instituut praten jongeren makkelijker over drugs en drugsgebruik, en de media berichten er scheutig over. Daardoor lijkt het alsof er een toename is in drugsgebruik onder jongeren, maar dat is niet het geval.

Verslaafde jongeren

Niettemin zag Jellinek, een van de grootste instellingen voor verslavingszorg in Nederland, het aantal jongeren dat bij hen in behandeling komt, de afgelopen tien jaar licht stijgen. (Het aantal ouderen steeg nog veel harder, vanwege de vergrijzing.) Het aantal jongeren dat niet van de cannabis kon afblijven, steeg het hardst: in 2006 waren er 2399 jongeren ervoor in behandeling, in 2015 maar liefst 4067 jongeren, een toename van 69 procent. Het aantal jongeren dat voor GHB in behandeling kwam, is pas sinds 2007 gemeten. Sindsdien steeg het aantal tot 242 jongeren in 2012, waarna het weer daalde tot 192 GHB-verslaafde jongeren in 2015.
Het aantal cocaïneverslaafde jongeren dat zich bij de kliniek meldde, daalde van 1233 jongeren in 2006 tot 551 in 2015. Het aantal jongeren dat verslaafd is aan amfetamine is sinds 2006 min of meer gelijk gebleven; het schommelt zo rond de 500 jongeren.

Staatssecretaris bezorgd over GHB

Ondanks de trend dat jongeren – in tegenstelling tot de hit ‘Alle tieners zeggen JA tegen MDMA’ – steeds braver lijken te worden, is het onderwerp jongeren en drugs niet enkel een hallelujaverhaal. Sterker: als het op het gebruik van GHB aankomt, maken steeds meer partijen zich zorgen. GHB, of gammahydroxyboterzuur, neemt met name angsten weg en geeft een rustig gevoel. Net iets waar jongeren in tijden van prestatiedruk extra behoefte aan hebben. GHB is een vloeibare drug die je maakt van schoonmaakmiddel en gootsteenontstopper. Dat klinkt alsof het gemakkelijk zelf te produceren is, en dat klopt. De meeste ingrediënten koop je gewoon bij de bouwmarkt. Niet voor niets dat staatssecretaris Paul Blokhuis – die GHB ‘troep’ noemt – wil onderzoeken of kassapersoneel in bouwmarkten getraind kan worden om jongeren eruit te pikken die producten kopen die geheel toevallig precies nodig zijn om thuis GHB te maken.

De zorg van onze staatssecretaris is terecht, want vooral in de afgelopen vijf jaar zijn steeds meer minderjarigen in het ziekenhuis beland door GHB-gebruik. Dat zegt de Nederlandse Vereniging van Spoedeisende Hulp Artsen. Van de 12- tot 16-jarige scholieren in het voortgezet onderwijs had 0,4 procent in 2015 weleens GHB gebruikt. De jonkies zien de ‘gootsteenontstopperdrug’ als een goedkoop alternatief voor alcohol. In 2016 kostte een kwart liter GHB ongeveer 35 euro. Daar kun je knap lang mee van de kaart zijn. Maar volgens de artsen weten de jongeren te weinig over de gevaren van deze extreem verslavingsgevoelige drug. Tot overmaat van ramp is afkicken van GHB erg moeilijk: volgens GHB-deskundige Beurmanjer is het zo verslavend dat vijftig procent van de gebruikers na het afkicken opnieuw verslaafd raakt.
In 2017 zijn er 886 ernstige incidenten gemeld waarbij GHB een rol speelde. In combinatie met alcohol of kalmerende pillen is GHB levensgevaarlijk. 

Cannabis populair

We pikken er een paar drugs uit die onder jongeren populair zijn. Op 1 staat cannabis, ofwel wiet. Bijna een op de tien scholieren heeft het ooit gebruikt. Van de onderzochte leerlingen van twaalf tot en met zestien jaar in het voortgezet onderwijs heeft ruim negen procent ooit cannabis gebruikt. Overigens zijn Nederlandse jongeren niet de fanatiekste blowers. Vijftien procent heeft het weleens gedaan, en daarmee vallen ze net buiten de top vijf. Franse jongeren hebben de twijfelachtige eer het vaakst een joint op te steken; bijna een kwart van de jongeren daar heeft afgelopen jaar geblowd. 

Het gebruik van cannabis onder Nederlandse jongeren neemt snel toe, naarmate ze ouder worden. Van de Nederlandse mbo- en hbo-studenten van zestien tot en met achttien jaar heeft een derde in 2015 cannabis gebruikt. Van die groep deden jongens het twee keer zo vaak als meisjes.

Opvallende nieuwkomer: lachgas 

Een drug die onder jongeren steeds populairder wordt, is lachgas. Het gebruik ervan is opvallend hoog onder scholieren van twaalf tot zestien jaar, je ziet de lachgascapsules dan ook vaak rondslingeren bij roc’s. 
In 2015 had acht procent van de middelbare scholieren ervaring met lachgas, in 2017 is het gebruik met 1 procent gestegen. In 2011 checkte het Peilstationsonderzoek het gebruik van lachgas niet eens, omdat er geen signalen waren dat jongeren het überhaupt gebruikten. De Trimbos-medewerker: ‘Op het mbo en hbo ging het percentage lachgasgebruikers in twee jaar zelfs van 19,8 naar 28,7 procent. Lachgas staat niet op de verboden lijst, het geeft een snelle kick en is dus populair. Men ziet het als een onschuldig middel. Sec gezien zijn er ook geen gezondheidsrisico’s, maar het is natuurlijk niet de bedoeling om het tussen de lessen door te gebruiken.’

Xtc, cocaïne, amfetamine en paddo’s 

Zoals gezegd: bij lange na gebruiken niet alle tieners MDMA, ofwel xtc. In 2017 had slechts één procent van de middelbare scholieren hier ervaring mee, twee jaar eerder was dit nog bijna twee procent. Ook bij deze drugs gebruiken jongens weer vaker dan meisjes. Het Peilstationsonderzoek uit 2015 onder scholieren wijst verder uit dat ook het percentage middelbare scholieren dat ervaring heeft met cocaïne, amfetamine (speed) of paddo’s klein is: wederom één procent. Daar ga je, Lil’ Kleine…

Op het mbo en hbo zijn de cijfers zorgelijker, zegt het Trimbos. Daar heeft ruim acht procent ‘ooit in het leven’ xtc gebruikt. Vier procent zat weleens aan de amfetamine, eveneens vier procent aan de coke. 
Wat betreft xtc en speed zijn Nederlandse jongeren koploper in Europa, volgens een onderzoek van de Europese Unie. Qua cocaïne staan ze op de tweede plek, en we pakken de zesde plek als het gaat om wiet. 
Heroïne is nooit populair geweest onder jongeren. 

Slimmeriken gebruiken minder 

We willen niet discrimineren, maar de cijfers spreken voor zich: voor nagenoeg alle middelen zijn er verschillen in gebruik tussen scholieren van het vmbo en het vwo. Leerlingen op de basis- en kaderberoepsgerichte leerweg van het vmbo gebruiken vaker en intensiever drugs dan vwo’ers. Dat verschil is er altijd al geweest, verzekert het Trimbos: ‘De impulscontrole van lager opgeleiden is vaak net wat minder groot, ze geven gemakkelijker toe aan verleidingen.’ 

Bron: De Oogst januari 2019
Auteur: Wilfred Hermans
Foto: ANP

Gebruikte bronnen:
www.drugsinfo.nl
www.trimbos.nl